CJIB pleit voor meer maatwerk bij oplopende verkeersboetes

Het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB) wil af van de fors oplopende extra kosten die ontstaan na aanmaningen voor verkeersboetes. Het bureau pleit voor meer maatwerk om te voorkomen dat mensen financieel in de problemen komen door onredelijke verhogingen.
Op dit moment stijgen verkeersboetes aanzienlijk als deze niet op tijd worden betaald. Bij een eerste aanmaning komt er 50 procent bovenop het oorspronkelijke boetebedrag, en bij een tweede aanmaning loopt dit op tot 100 procent. Hierdoor kan een boete van bijvoorbeeld 50 euro na twee aanmaningen uitgroeien tot 150 euro. Het CJIB benadrukt dat dit vooral problematisch is voor mensen die de oorspronkelijke boete al niet konden betalen, waardoor zij nog verder in de problemen komen.
In het recent gepubliceerde jaarverslag pleit het CJIB voor meer ruimte om maatwerk toe te passen in situaties waar sprake is van overmacht of bijzondere omstandigheden. Momenteel heeft het CJIB echter niet de bevoegdheid om zelfstandig te besluiten tot kwijtschelding van verhogingen. Deze beslissingen liggen bij de rechter of het Openbaar Ministerie (OM).
Het CJIB vraagt ook om meer flexibiliteit bij het innen van boetes die zijn opgelegd via strafbeschikkingen. Deze boetes, die zonder tussenkomst van een rechter worden opgelegd voor minder ernstige misdrijven, kunnen in bepaalde gevallen, zoals bij overmacht, beter niet worden uitgevoerd. Jaarlijks worden er in Nederland ongeveer 300.000 van dergelijke strafbeschikkingen uitgevaardigd.
Het CJIB benadrukt ook de psychologische impact van de oplopende boetes. Naast de financiële last kan de steeds hoger wordende boete ook een zware mentale druk leggen op de betrokkenen, vooral als de boete niet opzettelijk is veroorzaakt. Volgens het CJIB is er dan ook een dringende noodzaak om niet automatisch aanmaningen te blijven versturen, maar om de reden van niet-betaling mee te wegen. De uiteindelijke beslissing om hier verandering in aan te brengen, ligt echter bij het ministerie van Justitie.